HappyMOMs - Moeder in het middelpunt




Hoogte en opbouw studiefinanciering (1) Reacties | Stuur dit artikel door! | Print

Hoe zit dat nou precies met die studiefinanciering (oftewel stufi) van je dochter/zoon? In dit artikel vind je alle informatie over de hoogte en opbouw van de studiefinanciering.

Is je kind per september 1996 of daarna gaan studeren, en heeft hij/zij een beurs, dan is dat een prestatiebeurs. De informatie in dit artikel is hierop van toepassing.

Stufi onderdelen

Studiefinanciering kan bestaan uit een prestatiebeurs, een lening en een OV-studentenkaart. Voor de meeste opleidingen aan hbo en universiteit kun je maximaal vier jaar prestatiebeurs en gewone lening krijgen. Daarna kun je nog maximaal drie jaar lenen. De termijn waarin je je diploma moet halen is tien jaar.

De prestatiebeurs: basisbedrag

Het basisbedrag aan prestatiebeurs  voor hoger onderwijs is voor 2008 vastgesteld op € 256 Tenminste, als je uitwonend bent. Wie nog thuis woont krijgt € 92. Voor het MBO zijn deze bedragen iets lager.  Je kunt er voor kiezen om maar een deel van je basisbeurs te incasseren, bijvoorbeeld als je denkt dat je niet aan de prestatienorm kunt voldoen. De beurs wordt namelijk aanvankelijk als lening toegekend. Alleen als je binnen tien jaar je diploma haalt, wordt je prestatiebeurs een gift. De 'teller' van de tien jaar begint te lopen vanaf de eerste maand dat je studiefinanciering ontvangt voor het hoger onderwijs. Deze 'teller' stopt niet.

De prestatiebeurs: aanvullend

Afhankelijk van het inkomen van de ouders wordt je basis-prestatiebeurs verhoogd met een zogenaamd 'aanvullend bedrag'. Op de website van de Informatie Beheer Groep kan je uitrekenen hoeveel aanvullende beurs je kind kan krijgen.

Weigerachtige ouders

Ook als ouders niet volledig willen meebetalen, kan de student aanvullend lenen. Als de relatie ernstig verstoord is, kan de student een beroep doen op de regeling of hardheidsclausule 'weigerachtige ouders'.

Lening

Als je kind een basisbeurs (en eventueel een aanvullende beurs) ontvangt mag hij/zij per maand een maximaal bedrag lenen. Hoeveel je maximaal in het hoger onderwijs mag lenen is afhankelijk van zijn/haar woonsituatie, hoe hij/zij is verzekerd tegen ziektekosten en van welke onderwijssoort hij/zij volgt. Maar je kind hoeft niet het maximale bedrag te lenen, minder mag ook. Hoeveel je kind wilt lenen bepaalt hij/zij zelf. Heeft je kind geen recht op een aanvullende beurs, dan mag hij/zij die ook extra bijlenen. Zit je kind even een tijdje krap? Dan kun je kind er ook voor kiezen één of twee maanden lang een bedrag lenen. Als de lening dan niet meer nodig is, dan kan het bedrag weer op nul gezet worden
Als het recht op de prestatiebeurs is komen te vervallen, maar je kind nog wel als voltijd student staat ingeschreven bij haar/zijn opleiding, kan hij/zij nog drie jaar uitsluitend lenen. In dat geval mag je in 2008 per maand een vast bedrag van maximaal € 819,24 lenen.

OV-kaart

De laatste bijdrage aan je studiefinanciering is je OV-jaarkaart. Je kan keizen uit een week-OV of weekend-OV. Met de week-OV kan je gratis met het openbaar vervoer doordeweeks en krijg je 40% korting. Met het weekend-OV is dit precies andersom. Let wel op dat de OV-jaarkaart ook valt onder de prestatienorm. Mocht je geen studie afgerond hebben binnen 10 jaar, dan moet je de kosten van OV-jaarkaart terug betalen. Voor meer informatie en de tijden waarop de OV-jaarkaart geldig is ga je naar de website van de IB-groep. 

Reacties

Verona
Auteur: Verona | Geplaatst op: dinsdag, juni 9, 2009 08:07
dank voor dit artikel. Erg nuttig voor moeders die hier nog nooit mee te maken hebben gehad en wiens kinderen gaan studeren.
Je moet je eerst inloggen voor het plaatsen van een reactie Log in of word lid a.u.b.!



Stuur dit artikel door!

Je naam

Je email adres

Naam van je vriendin

Email adres van je vriendin

Je bericht